06/04/2025
Juryrapport Beste filosofische kinderboek 2024
Categorieën
De jury bestond dit jaar uit Frank Meester, Gerlien van Dalen, Syb Faes en Joan Windzak. Zij lazen in totaal maar liefst 62 boeken en tekenden daarover van alles op. Dit is het definitieve juryrapport over de titels van de shortlist.
Van de longlist naar de shortlist sneuvelden al enkele van onze favoriete boeken. Maar goed, de boeken moesten niet alleen mooi zijn, meeslepend of grappig, maar ook aanzetten tot verder denken. De vijf boeken op de shortlist hebben dat allemaal.
Zo is Zoef, Over een jongen, de tijd en een vliegend tapijt van Janneke Schotveld en Nadia Meezen een meeslepend en ontroerend verhaal over grote filosofische thema’s als de loop van de tijd, de acceptatie van de dood en of je het anders zou doen als je daartoe de mogelijkheid krijgt. Een bijzonder fantasierijke geschiedenis met slimme verwijzingen naar andere bekende verhalen en een guitige illustratie van de hond waar het allemaal om draait.
Wat ik allemaal zou kunnen zeggen van Tiny Fisscher, Katrin Laureyssens en Eva Neirynck is een heel ander soort boek. Geen doorlopend verhaal dat je meeneemt, maar steeds weer korte tekstjes vanuit onverwachte perspectieven. Zo is de vraag zelf aan het woord, maar ook de keuze, de mobiele telefoon en het schilderij. Bij elk onderwerp dat aan het woord is, staan ook filosofische vragen, er is een dilemma en iets wat je moet doen. Dit boek laat zien dat je werkelijk over alles kunt filosoferen, net zo goed over verheven zaken als over de dingen van alledag. Leuk om zelf te lezen, maar ook geschikt voor in de klas.
OOZ van Milja Praagman past een beproefde filosofische truc toe: de omkering. Draai het eens om, hoe ziet de wereld er dan uit? En OOZ voert deze truc op meesterlijk wijze door. Mereltje gaat samen met papa naar OOZ, een mensentuin om mensen te kijken. Ze zien allerlei verschillende mensen, strandmensen, parkmensen ga zo maar door. Mereltje vindt de mensen wel leuk en vraagt of ze er eentje mag voor haar verjaardag. Dat mag niet van pappa. Met illustraties waar steeds weer nieuwe dingen in te ontdekken zijn.
In De Wonderlijke wereldreis van Zebedeus van Koos Meinderts en Annette Fienieg vraagt Zebedeus de Beer zich af: ‘Wat is de vraag op dit antwoord?’. Alweer zo’n grappige filosofische omkering. Maar dat is niet alles. De ietwat naıë ve en daardoor juist zeer open minded Zebedeus gaat op onderzoeksreis en ontmoet allerlei wonderlijke wezens die hem op grote en kleine filosofische vragen brengen. Vaak blijkt de taal van Meinderts een subtiel spel met de meerduidigheid van de woorden. De illustraties zijn ook nog eens prachtig.
Al deze boeken zijn op hun eigen manier goede, mooie zorgvuldig gemaakte kinderboeken die aanzetten tot verder denken.
Maar wat ons betreft slaagt De boom die een wereld was van Yorick Goldewijk er het beste in om het filosofische te verbinden met een slimme, grappige, soms een beetje venijnige en vooral poë tische vertelling. Het boek draait, zoals de titel al doet vermoeden, om een boom. In die boom wonen verschillende dieren en andere dingen. Elk wezen blijkt net een beetje anders dan je had gedacht, waardoor de lezers steeds weer op een andere manier naar de wereld die de boom is, kijkt. Ogenschijnlijk onbenullige details verschijnen later in het boek ineens in een ander, onverwacht daglicht. Daarbij staan de dialogen ook nog eens bol van de paradoxen en logische grappen. Wat moet je bijvoorbeeld denken van een boom die zegt dat hij doet alsof hij kan praten? Prachtige taal en wonderschone illustraties die op subtiele wijze met elkaar in gesprek gaan. De boom die een wereld was is daarom de winnaar van de Ludoq 2024.
Partners & organisaties
Nieuwsbrief
Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!